Uit Ouderbulletin, jaren negentig

“Rotte eierengas”, krijg je al gauw te horen als je aan ouders vertelt dat je scheikundeleraar bent. Maar dat stinkende gas is al zo’n vijftien jaar uit de Nederlandse scholen verbannen. Later trof een groot aantal stoffen dit lot, omdat ze toch giftiger bleken dan men vroeger dacht. Helaas vielen daar ook de vuurwerkproefjes en de “chemische vulkaan” onder (zware metalen), zodat wij de huidige generatie veel spectaculaire experimenten moeten onthouden. Maar wij, scheikundedocenten, hebben het milieu en onze leerlingen lief.

Een scheikundedocent is een moderne alchemist. Verlangde de laatste ernaar een onedel metaal om te zetten in goud, wij proberen de ongeoefende ruwe gedachtenpatronen van de leerlingen te louteren, zodat de gouden chemische kennis naar boven komt. Dat is een zwaar proces, zwaarder misschien nog dan het oorspronkelijke alchemische werk. Het goed doorwerken van de examenstof stelt namelijk hoge eisen aan middelbare scholieren (en hun docenten).

Maar hoewel de werkdruk hoog is, blijft ons streven zoveel mogelijk proeven te demonstreren of zelf te laten doen. In de derde klas vwo doen de leerlingen zelfs elke les practicum in vaste groepjes. Voor alle practica en demonstraties treft onze “toa” (technisch onderwijs assistent) de voorbereidingen.

We zijn blij dat onze inzet resultaat heeft: op onze school kiezen naar verhouding veel leerlingen scheikunde en bijna altijd met goed resultaat. Sommigen kiezen het vak puur uit interesse, anderen ook als voorbereiding op hun vervolgstudie: o.a. medische of paramedische studies (bijvoorbeeld arts, apotheek, veearts), biologie, studies in Wageningen en agrarische hogescholen, laboratoriumscholen en HTS-en.

Wat in deze tijd niet over het hoofd gezien mag worden, is dat scheikunde ook onontbeerlijk is als we inzicht willen hebben in de milieuproblematiek. Omdat in Nederland de chemische industrie zeer belangrijk is, moeten we er steeds voor blijven zorgen dat er voldoende en kwalitatief hooggeschoolde chemici zijn. Niet alleen om deze industrie op een milieubesparende manier te doen draaien, maar ook om de fouten uit het verleden te herstellen. Er is ook altijd een grote vraag naar goede chemici.

Vlnr: Ton Verhoeven, Herman Joosten, Hans Spijkers, Arie de Kleijn, Chretien Robben en Jan Coenen

Ook onze experimenten mislukken wel eens (volgens leerlingen zijn dat de leukste). Dat gebeurde ook toen we volgens één van de oudste chemische procedés, de fotografie, onze vakgroep wilde vereeuwigen. We hebben daarom de bekende cartoonist Mark Retera1 ingeschakeld. Hij maakte bijgaand portret van de mensen die op het Sint-Janslyceum hun steentje (der wijzen) aan het chemie-onderwijs bijdragen.

Namens de vakgroep
Ton Verhoeven

Van de redactie
1Mark Retera was toentertijd in Nijmegen een huisgenoot van onze oud-collega Ton Verhoeven, nu professioneel striptekenaar. Zeer bekend onder de liefhebbers met zijn strip (in onder andere het Brabants Dagblad) ‘DirkJan’.

@Nieuwsbrief 4, december 2025